Een les die na vijf minuten uit de hand loopt, was meestal al voor de bel begonnen. Niet omdat de klas slecht is, maar omdat er in die eerste minuten niets te doen was en de groep zelf iets bedacht.
Klassenmanagement in het mbo gaat daarom minder over regels dan over routine. Een groep die weet wat er gebeurt zodra hij binnenkomt, hoeft niet te worden bijgestuurd. Dit artikel beschrijft een vaste opening, en wat je doet met de twee dingen waar het meestal op stukloopt: te laat komen en telefoons.
Waarom juist de start
In de eerste minuten beslist een groep wie de les leidt. Sta jij nog te zoeken in je map terwijl iedereen binnenkomt, dan vult de groep die stilte, en daarna ben je bezig met terugpakken in plaats van met je vak. Dat kost je de rest van het uur.
Het omgekeerde kost weinig. Eén opdracht op het bord die studenten zonder uitleg kunnen beginnen, en de eerste vijf minuten vullen zichzelf. Je hebt in die tijd je handen vrij voor de aanwezigheid, voor de student die iets wil vragen en voor de twee die je even apart wilde spreken.
Een klas die binnenkomt en meteen iets te doen heeft, hoeft niet tot de orde te worden geroepen.
Een vaste opening in vier stappen
Deze opening kost tien minuten en is elke les hetzelfde. Juist die herhaling doet het werk: na twee weken hoef je er niets meer over te zeggen.
1. De startopdracht staat al op het bord
Drie vragen over de vorige les, of één som, of een stelling waar ze het mee eens of oneens zijn. Zo kort dat de langzaamste student hem in vier minuten af heeft. Hij hoeft niet nagekeken te worden en telt niet mee voor een cijfer.
2. Jij loopt rond in plaats van te praten
Terwijl ze werken, doe jij de aanwezigheid, zeg je drie mensen persoonlijk gedag en kijk je wie vandaag anders is dan anders. Dit is het enige moment in de les waarop je iedereen even kunt spreken zonder dat het opvalt.
3. Twee minuten nabespreken
Niet alle antwoorden langs, alleen de twee waar het over gaat. Hiermee laat je zien dat de startopdracht ergens toe dient, en dat is de reden dat studenten hem volgende week weer maken.
4. Zeg wat er vandaag gebeurt en hoelang het duurt
Twee zinnen, op het bord. 'Eerst twintig minuten uitleg, daarna werk je zelf aan opdracht 3, de laatste tien minuten kijken we het na.' Een groep die weet hoe de tijd verdeeld is, vraagt minder vaak wanneer het klaar is en gaat minder snel zwemmen.
Te laat komen
Te laat komen wordt een probleem zodra de binnenkomst de les onderbreekt. Zolang de groep aan een startopdracht werkt, onderbreekt het niets: de student gaat zitten en begint. Dat is de goedkoopste oplossing en hij werkt bij de meeste klassen.
Wat je niet doet, is bij de deur een gesprek beginnen terwijl de klas kijkt. Dat is precies het podium waar een deel van de laatkomers op hoopt. Noteer het, werk door, en spreek de student aan het eind van de les even apart.
- Spreek met het team af wat de grens is en houd die allemaal gelijk. Verschillende grenzen per docent zijn een uitnodiging om te onderhandelen.
- Registreer vanaf de eerste keer, ook als je het nog geen probleem vindt. Zonder registratie heb je in week zes geen verhaal.
- Vraag bij drie keer te laat wat er aan de hand is voordat je een maatregel neemt. In het mbo zit er vaak een bijbaan, een reistijd of een thuissituatie achter.
Telefoons
Een telefoonregel werkt alleen als hij te controleren is zonder dat jij de hele les politieagent bent. Twee varianten houden het vol: de telefoon in de tas op de grond, of een hoes bij de deur waar iedereen hem in doet bij binnenkomst.
Wat niet werkt, is 'telefoon weg tenzij ik zeg dat het mag'. Die regel vraagt om tientallen kleine beslissingen per les, en elke beslissing is een onderhandeling. Kies één situatie waarin de telefoon wel mag, bijvoorbeeld het opzoeken bij een specifieke opdracht, en zeg dat dan hardop.
Belangrijker dan de regel is de reden. Studenten die weten dat het om aandacht gaat en niet om macht, gaan er anders mee om. Laat een keer zien hoeveel tijd het kost om na een melding weer in een opdracht te komen, en je hoeft er de rest van het jaar minder over te zeggen.
Afspraken die je in week zeven nog volhoudt
De meeste klassenregels sneuvelen niet omdat studenten ze breken, maar omdat de docent ze niet volhoudt. Een regel die je op drukke dagen laat lopen, is na drie keer geen regel meer.
Neem er daarom weinig. Drie afspraken die altijd gelden zijn meer waard dan tien die soms gelden. En kies afspraken die je kunt zien: 'we beginnen op tijd' is controleerbaar, 'we hebben respect voor elkaar' niet.
Waar loopt jouw klas op vast?
Het klasrapport van ClassPilot laat zien hoe de groep is opgebouwd en welke studenten de sfeer bepalen. Vaak verklaart dat meer dan een gesprek na afloop.
Bekijk het klasrapportAls het toch misgaat
Loopt een les uit de hand, doe dan geen interventie voor de hele groep. Een klas die collectief wordt toegesproken, sluit collectief de rijen. Loop naar de twee of drie studenten bij wie het begint en zeg daar iets kort en zacht.
Kom er de volgende les op terug als de groep rustig is, bij voorkeur in de eerste minuten. Niet als verwijt, maar als afspraak voor vandaag. Een klas die merkt dat je het onthoudt zonder erover te blijven praten, gaat de grens minder vaak opzoeken.
Veelgestelde vragen
Werkt een startopdracht ook bij een groep die niets doet?
Juist daar, mits hij kort is en geen uitleg vraagt. Drie vragen over de vorige les, geen cijfer eraan. Het doel is niet dat ze leren, het doel is dat de eerste vijf minuten gevuld zijn.
Moet ik te laat komen altijd registreren?
Ja, vanaf de eerste keer. Niet om te straffen, maar omdat je zonder registratie geen patroon ziet en in een gesprek met de student of het team niets in handen hebt.
Hoe ga ik om met een telefoonbeleid dat de school niet handhaaft?
Maak dan een afspraak voor jouw les en leg uit waarom die bij jou anders is. Dat is minder ideaal dan een schoolbrede lijn, maar wel beter dan een regel die je zelf niet kunt volhouden.
Hoe lang duurt het voordat een nieuwe routine staat?
Ongeveer twee tot drie weken bij een klas die je meerdere keren per week ziet. Bij één les per week reken je op een blok. In die periode moet je hem elke keer doen, ook op de dagen dat het niet uitkomt.
Tot slot
Begin bij de startopdracht. Dat is de kleinste verandering met het grootste effect, en hij kost je twee minuten voorbereiding per les. Als die routine staat, komen te laat komen en telefoons er vanzelf bij.
Wil je zien hoe de verhoudingen in je klas liggen, dan geeft het klasrapport je in één les een beeld dat een halfjaar meegaat.